Ied-oel Fitr toespraak

 

16 december 2001

 

Home

 

 

 

 

Door ing. H. Drost

 

 

 

Elk jaar vasten wij moslims één maand, tijdens de maand Ramadaan.

En elk jaar moeten we aan Ramadaan beginnen. We bereiden ons erop voor.

Tijdens Ramadaan eten we gerechten die je anders niet bereidt; we gedragen ons conform de regels die gesteld zijn – zoals het niet liegen, niet kwaad worden of onjuiste woorden ge-bruiken en de sociale contacten vergroten we door het bij elkaar op bezoek te gaan – dit zijn zaken die algemeen bekend zijn.

 

Mijn vraag is: “Waarom alleen tijdens Ramadaan?” Moslims behoren zich altijd te gedragen zoals net omschreven. Waarom moeten moslims elk jaar aan Ramadaan beginnen? De maand Ramadaan zou zich alleen moeten onderscheiden van andere maanden doordat we erin vasten en meer tijd nemen om de Koran te bestuderen. Verder zouden we ons gedrag in die maand weer moeten aanscherpen, zodat we een duw in de goede richting krijgen en de volgende elf maanden onszelf verder kunnen ontwikkelen.

 

Ik zie Ramadaan dan ook als een stuwkracht, die een vaart of een duw mee geeft in de juiste richting. Zoals een satelliet naar een verre planeet die wordt bijgestuurd door de stuurraketten om bij het juiste doel te komen.

 

Ramadaan geeft extra energie, extra motivatie om door te gaan op de juiste weg. We moeten doorgaan als groep. De inspanning moet van óns komen, van de gelovigen. Allah geeft de richting en via Ramadaan de stuwkracht.

 

Je kunt ook zeggen: Ramadaan is een middel om iets te bereiken en geen doel op zich. Als een doel op zich verwordt het tot een cultureel verschijnsel en gaat men na Ramadaan weer verder met de dingen van alle dag. Maar als middel geeft Ramadaan elk jaar weer de instroming (van), de richting (aan) en de toevloed voor de juiste intenties.

 

Wanneer we de actuele situatie in Nederland bekijken dan is het hard nodig dat de moslims één vertegenwoordiging naar de overheid vormen. Naar de overheid en naar de samenleving.

 

Een nationale moslim organisatie waarin alle groeperingen vertegenwoordigd zijn, die de belangen behartigt van de moslims en een gesprekspartner is. In buurlanden als België en Engeland zijn de moslims al zover en met goede resultaten. We kunnen niet eeuwig verdeeld blijven. We moeten vertrouwen hebben en een organisatie in het leven roepen die niet politiek van karakter is. Dus geen politieke partij.

 

We kunnen beter als maatschappelijke (Islamitische) organisatie onze belangen behartigen bij de overheid (oftewel bij alle politieke partijen). Vergelijkbare organisaties met grote ledentallen zijn de ANWB, de vereniging Eigen Huis, de milieubeweging, de mensenrechtenbeweging en de vrouwenbeweging.  Al deze hebben er voordeel bij in hun functioneren en in het zich profileren.

 

Waarom praat ik over maatschappelijke organisaties? Welnu, de wereld staat niet stil! De wereld wacht niet op ons!

 

Kijk alleen al naar het de laatste twee jaren veel besproken begrip ‘globalisering’. Dit is het introduceren van een wereldeconomie gebaseerd op het vrije markt principe. Deze globalisering heeft vele voorstanders en vele tegenstanders. In het algemeen bekeken, zijn politici en multinationals vóór de globalisering en sociologen en culturele wetenschappers tegen.

 

Ikzelf ben ook tegen de globalisering zoals die nu wordt voorgestaan door de rijke landen. Want de globalisering waar ze het over hebben is er een waarin alles ondergeschikt wordt gemaakt aan de economie en dan wel aan de geldeconomie. Ik ben voor behoud van eigenwaarde en zelfbeschikking.

 

Globalisering gaat voorbij aan twee zaken:

1. het verschil in uitgangspositie van de landen, vooral tussen rijke en arme landen;

2. de sociale en morele waarden, die in het geheel niet worden meegenomen. Men gaat ervan uit dat de mensen dit zelf moeten regelen binnen de financieel-economische globalisering.

 

In Nederland leven we (te) onafhankelijk van elkaar in een ‘schijnautonomie’. Deze komt voort uit een jarenlang gevoerd beleid. Ieder mens moest financieel onafhankelijk zijn. Dit is grotendeels gelukt. Het leven vraagt echter om meer en wel een overeenstemming van zowel de fysieke kant als de spirituele kant van de mens.

 

Financieel onafhankelijk zijn, betekent dan ook niet dat je dan als mens onafhankelijk bent of dat je automatisch gelukkig bent.

Naar mijn overtuiging staat Islam juist voor een globalisering van morele en sociale waarden.

 

100 jaar na de dood van de Profeet Mohammed (vzmh), reikte de Islam van India tot Spanje en begon aan een bloeiperiode van 700 jaar in Spanje en 500 jaar in Bagdad en Damascus.

De kern van deze bloei lag in het kennisvergaren. Vooral kennis verzamelen en kennis uitbreiden en interpreteren naar de tijdgeest. Oftewel filosofie, de kern van dit alles. Met filosofie bediscussieer je alle zaken, worden alle aspecten meegenomen en is kennis dynamisch! Kennis leeft en iedereen draagt bij.

Dit laatste is ook hetgeen waarop wij ons moeten toeleggen. Het vergroten van onze kennis. Zowel persoonlijk als per djamaat. Met als doel om met andere djamaats in positieve en constructieve discussie te treden. Kennis uitwisselen en elkaar ondersteunen.

 

Welke inspanning moeten wij ons daarvoor getroosten?

In de Koran kom ik wat dit betreft uit op de volgende inspiratie:

In het begin der tijden … schiep Allah het heelal. Een heelal gebaseerd op natuurwetten. Alles in het universum is onderhevig aan deze wetten. Door de wil van Allah is er door deze wetten leven ontstaan.

 

Toen Allah de (moderne) mens schiep, zoals nu door de wetenschap wordt aangenomen zo’n 100.000 jaar geleden, gaf Allah deze mens kennis. Hij gaf de mens kennis en de plaats van chalifa in deze wereld (de zaakwaarnemer/ zaakgelastigde) Zie hier- voor Koran 2:30.

 

Vanaf het begin van de mensheid heeft Allah Profeten gestuurd, of beter gezegd Boodschappers, die de mensheid geïnformeerd hebben over het juiste pad dat je als mens moet bewandelen om de plaats van zaakwaarnemer in te nemen en de taken ook juist uit te oefenen. Hiervoor staat in de Koran dan ook de smeekbede aan Allah om ons de Siraat-al Moestaqim te wijzen. Deze Siraat-al Moestaqim of rechte weg betekent niet dat die ook recht is. Hij zal zeker over bergen en dalen voeren. De juiste weg hoeft niet een rechte weg te zijn in de letterlijke betekenis van het woord.

 

Om op de juiste weg te lopen en voort te gaan, heb je wilskracht nodig, inzet, je zult je moeten inspannen. Allah geeft hiertoe drie zaken aan in de Koran:

– je moet de rechte weg zoeken en er op blijven lopen;

– je moet het koord zoeken en het vasthouden, Koran 3:103;

         je moet in rijen als één blok samen staan, Koran 61:4.

          

Je zou je dit kunnen voorstellen door het volgende beeld, waarin de mensen in één groep samen op het juiste pad blijven en zich voortbewegen terwijl ze zich vasthouden aan het koord van Allah.

 

Hier staat ook impliciet dat je als mens persoonlijk verantwoordelijk bent voor je eigen handelen en doen, maar dat je de Islam gezamenlijk moet beleven. Voor dit geheel zul je je ook moeten inspannen!

 

Hoe bereik je dat als mens? In de Koran staat vele keren door ‘sabri wa salaat’, oftewel via doorzettingsvermogen en gebed. Het staat wat nader uitgewerkt in Koran. 22:78, namelijk door:

de salaat te doen (dus de vijf dagelijkse gebeden);

– de zakaat te geven, dus zowel zakaat, als sadaqah het hele jaar door, geven, oftewel het helpen van de armen;

– je vast te houden aan Allah, je te richten naar Allah.

 

Het tweede punt noemt zakaat geven. Dit houdt impliciet in het vasten tijdens de maand   Ramadaan.

De salaat, de zakaat en het je richten naar Allah zijn allemaal handelingen en inspanningen waarvoor wij ons moeten inzetten. Ze komen niet vanzelf uit het niets vallen. Als je je er niet voor inzet, dan gebeurt er ook niets en zal er niets veranderen. De situatie zal alleen slechter worden.

 

Hier wil ik nog een belangrijk punt belichten over de betekenis van het lid zijn van een vereniging, een club, een (vak)bond of van een djamaat.  De beste manier om dit uit te leggen is te kijken naar het lidmaatschap van een vakbond. Als je lid wordt van een vakbond dan verwacht men vaak dat het bestuur al je problemen oplost en acties op touw zet. Dat is nou juist niet het geval. De vakbond zegt duidelijk: de leden moeten zich organiseren en aangeven welke acties nodig zijn, de vakbond ondersteunt hen hierbij en stelt deskundigheid ter beschikking. Als we dit doortrekken naar de djamaat dan geldt hiervoor hetzelfde: de leden van de djamaat moeten actief zijn in het vergaren van kennis en aangeven wat daarvoor nodig is. Het bestuur van de djamaat moet hen daarbij ondersteunen en motiveren.

 

Een kanttekening hierbij is de constatering dat veel mensen helemaal niet actief zijn en alles overlaten aan anderen. Er zijn té veel mensen die aan de kant blijven staan en inslapen, die weinig actief of waakzaam zijn. Als lid van een organisatie bent u juist de belangrijkste schakel, alles draait om ú!

Met de feestdag van vandaag, Ied-oel-Fitr, sluiten we de maand Ramadaan af.

Ramadaan, de maand waarin wij vasten, is op zích een feestmaand. Het is een maand waarin we ervaren dat de geest sterker is dan het lichaam. Het is een maand waarin we ons opofferingen getroosten. Het is vooral een maand van bezinning.

Allah spreekt hierover in de Koran in hoofdstuk 2 verzen 183/ 185 en in 22:78, waarvan de samenvatting luidt:

Ramadaan is een maand bedoelt als zegen voor de mensheid. Waar we sterker uit moeten komen dan elke keer dat we eraan beginnen”.

Ik wil eindigen met het reciteren van de laatste 2 zinnen van hoofdstuk 22 van de Koran. (vers 78):

De betekenis hiervan luidt:“Doe de salaat, betaal de zakaat en richt jezelf naar Allah,  Hij is jullie beste Vriend, Beschermer en Helper”.

 

Wa Alhamdoe lillahi Rabil alamien.