Wie zijn wij

Moslims die tot de Lahore Ahmadiyya Beweging in de Islam behoren geloven dat er geen god is behalve Allah en dat Mohammed de Boodschapper van Allah is. Zij geloven ook in de uitspraak van de heilige profeet Mohammed (moge vrede en de zegeningen van Allah op hem rusten): "Ik ben de laatste der profeten, na mij komt er geen profeet". Dit houdt in dat zij geloven dat de heilige profeet Mohammed (vzmh) de allerlaatste profeet is die door Allah naar de wereld is gezonden. Na hem kan er geen oude of nieuwe profeet meer verschijnen. De stichter van de Ahmadiyya Beweging in de Islam, Hazrat Mirza Ghulam Ahmad »

Ter nagedachtenis van Muhammad Anwar

Metaforische gebruik nabi en rasul

 
Metaforisch gebruik van de woorden
nabi en rasul in de betekenis van ‘heilige’
 
Volgens de islamitische autoriteiten worden de woorden nabi (profeet) en rasul (boodschapper) niet alleen gebruikt voor werkelijke profeten, zoals gedefinieerd in de islamitische terminologie, maar kunnen ze ook in metaforische zin worden toegepast, of in hun taalkundige betekenis, voor iemand die niet een profeet is.
 
Deze woorden kunnen, en zijn, toegepast voor enkele grote heiligen van de islam, die zeker geen profeten waren, omdat ze een aantal kwaliteiten van de profeten bezitten, zoals het ontvangen van communicatie van Allah (in de beperkte vorm zoals is beloofd aan de ware gelovigen in de Heilige Koran en de Hadies).
 
Een moslim die door God wordt aangesproken, wordt een muhaddas genoemd. Dit is de term die gebruikt is door de Heilige Profeet Mohammed zelf, zoals vermeld in Bukhari.
 
Hazrat Mirza Ghulam Ahmad gebruikt deze woorden, nabi en rasul, voor zichzelf op de manier waarop ze worden gebruikt voor moslimheiligen, voor iemand die een muhaddas is, en hij maakte het heel duidelijk, dat hij niet beweerde een profeet te zijn.
 
 
Gedetailleerde uitleg van Hazrat Mirza Ghulam Ahmad
over zijn gebruik van deze termen
 
 
1.      Hazrat Mirza verkondigt: “Verwijder het woord ‘profeet’ uit mijn geschriften en vervang dat door ‘heilige’.”
2.      De woorden nabi en rasul over mij zijn slechts metaforisch. Pas op, gebruik ze niet tijdens alledaagse gesprekken!
3.      Verklaring in het boek Siraj Munir over het metaforisch gebruik van de woorden nabi en rasul.
4.      Verklaring in het boek Anjam Atham over het metaforisch gebruik van de woorden nabi en rasul.
 
 
Andere citaten van Hazrat Mirza Ghulam Ahmad:

1.       Deze woorden (rasul, enz.) zijn gebruikt bij wijze van metafoor, net zoals ook in de Hadies het woord nabi is gebruikt voor de Beloofde Messias. Het is duidelijk dat degene die door God is gezonden Zijn gezant is, en een gezant wordt in het Arabisch rasul genoemd. En hij die informatie van het ongeziene onthult, na die van God te hebben ontvangen, wordt in het Arabisch nabi genoemd. De betekenissen zijn anders in de terminologie van de islam. Hier wordt slechts de taalkundige betekenis bedoeld.”
 
Arba’in, gepubliceerd in december 1900, nr. 2, p. 18, voetnoot

2.       “Hier zijn de woorden rasul en nabi, die voor mij in de openbaring van God zijn gebruikt, dat hij de boodschapper en profeet van God is, bedoeld in metaforische en figuurlijke zin.”
 
Arba’in, nr. 3, p. 25,voetnoot

3.       “God spreekt tot en communiceert met Zijn heiligen (auliyā) in deze Ummah, en zij krijgen de kleur van de profeten. Zij zijn echter geen profeten in werkelijkheid (haqiqat).”

Mawahib-ur-Rahman, gepubliceerd in januari 1903, pp. 66, 67

4.       “En ik nabi (profeet) genoemd door Allah bij wijze van metafoor, niet bij wijze van realiteit (haqiqat).”

Haqiqat-ul-Wahy, supplement, p. 64.